Maculagat


Maculagat - bij een maculagat is een gaatje in het midden van het netvlies (macula, gele vlek) ontstaan. Een maculagat leidt tot vermindering van het gezichtsvermogen en beelden zullen vertekend worden waargenomen. 

Nazorg

Na de operatie kunt u niet zelf autorijden. U wordt dringend geadviseerd een begeleider mee te nemen die u na de operatie naar huis brengt. Dit geldt ook voor de controleafspraken. Voor elke controle zal namelijk de pupil van het geopereerde oog worden verwijd met oogdruppels waardoor het zicht tijdelijk vermindert.

Tijdens de operatie wordt gas, lucht of olie in uw oog achtergelaten. Om deze gas-, lucht- of oliebel na de operatie op de juiste plaats tegen het netvlies te laten drukken, geeft de netvlieschirurg u voor enige tijd een houdingsvoorschrift. Meestal houdt dit in dat u de eerste week na de operatie, verdeeld over de dag zes keer één uur, en ook 's nachts zoveel mogelijk deze houding moet aannemen, tenzij uw netvlieschirurg dit anders voorschrijft.

Instructies

De dag na de operatie dient u 's ochtends achtereenvolgens:

1. het kapje van uw geopereerde oog af te halen (het kapje bewaren);
2. het verbandje weg te gooien;
3. de huid rond het oog voorzichtig schoon te maken met een tissue met water;
4. met de druppelmedicatie te starten.

Om uw oog te beschermen tegen stoten en wrijven, adviseren wij u om gedurende twee weken overdag uw (zonne)bril te dragen en 's nachts het kapje.

Eén of twee dagen na de operatie zal het geopereerde oog gecontroleerd worden. Hierna zal nog een aantal controles op het spreekuur plaatsvinden. Deze afspraken vindt u op uw afsprakenkaart, die u na de operatie heeft ontvangen. U wordt dringend geadviseerd een begeleider mee te nemen die u na de controles naar huis brengt. Voor elke controle zal namelijk de pupil van het geopereerde oog worden verwijd met oogdruppels, waardoor uw zicht tijdelijk vermindert.

Door uw verwijde pupil kunt u licht tijdelijk minder goed verdragen. Wij raden u aan om na elke controle een (zonne)bril te dragen.

Mogelijke klachten

Een netvliesoperatie is ingrijpend voor het oog. Het kan zijn dat u te maken krijgt met één van onderstaande klachten.

Roodheid en irritatie

Enige irritatie of roodheid is normaal. Meestal verdwijnt dit na verloop van tijd.

Gevoel alsof er iets in het oog zit

U kunt het gevoel hebben alsof er iets in uw oog zit. Dit kan veroorzaakt worden door de hechtingen die tijdens de operatie zijn gebruikt. De hechtingen lossen na enige tijd vanzelf op.

Pijnlijk oog en hoofdpijn

Na de narcose kunt u hoofdpijn hebben. Dit trekt meestal vanzelf weg.

Hoofdpijn, meestal in combinatie met een pijnlijk oog en misselijkheid, kan wijzen op een veel te hoge oogdruk. Dit kan leiden tot blijvende schade aan de oogzenuw met uitval van het gezichtsveld. Neemt u daarom bij deze klachten contact op met de spoedeisende hulp.

Verminderd zicht

Als er een gas- of luchtbel in het oog zit, kunt u met het geopereerde oog weinig zien. Wanneer er olie in het oog zit, zal de gezichtsscherpte ook minder zijn. Indien plotseling een verslechtering van het zicht optreedt, neemt u dan contact op met de
spoedeisende hulp.

Na een vitrectomie wordt de lens van uw geopereerde oog troebel (staar). Hierdoor vermindert uw zicht. Na verloop van tijd is een staaroperatie noodzakelijk.
Dit is niet van toepassing als u al eerder een staaroperatie heeft ondergaan aan hetzelfde oog.

Dubbelzien

Na de operatie kunt u door de verdoving enige tijd dubbelzien. Dit gaat vanzelf weer over.

Vervormd beeld

Het herstel van de beeldvervorming als gevolg van een maculagat kan maanden tot een jaar in beslag nemen.

Wijde pupil

Door de operatie en het gebruik van pupilverwijdende druppels, kan de pupil langere tijd wijd blijven. Hierdoor kan het zicht verminderd zijn en kunt u meer last hebben van licht. In het algemeen herstelt zich dit.

Brilsterkte

Door de operatie verandert de brilsterkte. De brilsterkte is meestal na twee tot drie maanden stabiel. Daarom raden we u aan pas na drie maanden een nieuwe bril te laten aanmeten.

Veelgestelde vragen

Bescherming van het oog?

Gedurende de eerste twee weken dient u ter bescherming overdag een bril te dragen en 's nachts het kapje.

Druppelen?

Om een ontsteking te voorkomen moet u vanaf de eerste dag na de operatie starten met druppelen meestal volgens een afbouwschema. Het recept hiervoor ontvangt u na de operatie.

Inspanning?

Na de operatie mag u bukken en tillen, maar overmatige lichamelijke inspanning en sporten wordt zeker gedurende de eerste week afgeraden. U kunt zoveel lezen, televisie kijken en computeren als u wilt. U mag ook douchen.

Werken?

Houdingsadvies, irritatie bij het oog en/of verminderd gezichtsvermogen maken werken tijdens de eerste week na de operatie moeilijk.

Autorijden?

U mag na de operatie niet zelf autorijden. Overleg tijdens de eerste controle met uw netvlieschirurg wanneer u dit mag hervatten.

Gas of lucht in het oog?

Als er tijdens de operatie gas of lucht in het oog is achtergelaten kunt u een bel in uw gezichtsveld zien. Het lijkt een trillende bal onder in het oog. De gas- of luchtbel verdwijnt vanzelf, meestal binnen twee tot acht weken. Met gas of lucht in het oog mag u niet vliegen, diepzeeduiken of grote hoogteverschillen in de bergen ondergaan. Zolang u gas in het oog heeft moet u het polsbandje met de vermelding 'medisch gas' omhouden. Bij een eventuele narcose of bevalling mag geen lachgas worden gebruikt.

Olie in het oog?

Als er tijdens de operatie olie in het oog is achtergelaten, kunt u boven in uw gezichtsveld een rand van de oliebel zien. Olie verdwijnt niet vanzelf. Dit wordt na enkele maanden via een operatie verwijderd.

Met spoed contact opnemen

Neemt u met spoed contact op met de afdeling Acute Oogzorg van Het Oogziekenhuis Rotterdam bij:

  • plotselinge verslechtering van het zicht en/of gezichtsveld;
  • het zien van meer (zwevende) vlekjes en/of lichtflitsen;
  • een pijnlijk rood oog gecombineerd met flinke hoofdpijn en misselijkheid.


De afdeling Acute Oogzorg is zeven dagen per week, 24 uur per dag bereikbaar:
maandag t/m vrijdag tussen 7.30 en 17.00 uur: 010 401 77 27
overige tijden: 010 401 77 77

Sluit de voorlees functie

Door deze site te bezoeken accepteert u het gebruik van cookies. Lees meer over cookies.

Deze melding niet meer tonen