Glasvochttroebelingen


Glasvochttroebelingen (mouches volantes, floaters) - door veroudering kunnen troebelingen in het glasvocht ontstaan. Deze troebelingen kunnen worden waargenomen als zwevende vlekjes in het gezichtsveld.

Keuze voor een operatie

Glasvochttroebelingen kunnen in de loop van enkele maanden tot jaren langzamerhand minder hinderlijk worden. Men kan er bijvoorbeeld aan gewend raken of de troebelingen kunnen zich verplaatsen naar een minder opvallende plek in het oog.  Daarom wordt vaak geadviseerd om eerst een bepaalde tijd af te wachten, voordat besloten wordt een operatie te verrichten om de troebelingen te verwijderen. Omdat elke operatie een kleine kans geeft op complicaties, wordt een operatie alleen geadviseerd als u echt veel last heeft van de glasvochttroebelingen. Uw netvlieschirurg zal u helpen bij het maken van deze keuze.

Dag van de operatie

Houdt u er rekening mee dat de opname en operatie over het algemeen een hele dag in beslag nemen. In de meeste gevallen kunt u op de dag van de operatie weer naar huis.

Netvliesoperaties worden meestal onder plaatselijk verdoving verricht. Voor sommige operaties is algehele verdoving (narcose) noodzakelijk. Uitgebreide informatie over de verdovingsvormen kunt u lezen op de pagina Verdoving voor uw operatie.

Pre-operatieve screening

Indien u in overleg met uw netvlieschirurg heeft gekozen voor een operatie, wordt u doorverwezen naar balie 22 voor de pre-operatieve screening (POS). Daar heeft u eerst een intakegesprek met een verpleegkundige. Zij zal u voorlichten over de gang van zaken rondom de operatie en zij registreert uw medicatiegebruik. In verband met uw veiligheid bent u verplicht een actuele medicatielijst mee te nemen. Deze lijst is verkrijgbaar bij uw apotheek. Indien u voor of na de operatie in een hotel in de buurt wilt overnachten, kan de verpleegkundige u hierover inlichten. Vervolgens bespreekt de anesthesioloog met u uw gezondheid en medicijngebruik. Afhankelijk hiervan worden vervolgens eventuele vooronderzoeken uitgevoerd.

Tijdens de operatie

Tijdens de operatie wordt zo veel mogelijk glasvocht uit het oog verwijderd en vervangen door een speciale vloeistof. Dit wordt een vitrectomie genoemd. Als het glasvocht nog niet is losgekomen van het netvlies, kan ervoor worden gekozen om een restje glasvocht dat tegen het netvlies ligt niet te verwijderen om de kans op complicaties te verkleinen. In het andere geval wordt het glasvocht tijdens de operatie losgemaakt van het netvlies en is de kans op een complicatie zoals een netvliesscheurtje of netvliesloslating iets groter. Soms wordt het netvlies tijdens de operatie preventief behandeld met laser om de kans op een netvliesloslating na de operatie te verkleinen.

Als er tijdens de operatie een scheurtje of een netvliesloslating ontstaat, is het nodig om het netvlies extra vast te zetten met laser en kan ervoor worden gekozen om lucht of gas in het oog achter te laten.

Lucht in het oog verdwijnt vanzelf, meestal na één week. Ook gas verdwijnt vanzelf: het kortwerkende gassoort 'SF6' na ongeveer twee weken en het langwerkende gassoort 'C3F8' na zes tot acht weken. Gedurende de periode dat er lucht of gas in het oog zit mag u niet vliegen, diepzeeduiken of grote hoogteverschillen in de bergen ondergaan.

Resultaten

In vrijwel alle gevallen lukt het om de hinderlijke glasvochttroebelingen te verwijderen. Het is echter mogelijk dat er nog enkele kleine, minder opvallende vlekjes overblijven. Als het glasvocht nog niet is losgekomen of losgemaakt van het netvlies, kunnen er na verloop van tijd weer troebelingen zichtbaar worden op het moment dat het overgebleven glasvocht alsnog loskomt van het netvlies. Zonodig kunnen deze troebelingen ook weer worden verwijderd.

Na de operatie

Na de operatie ontvangt u een folder met instructies, leefregels, mogelijke klachten en controles na de operatie.

Na de operatie kunt u niet zelf autorijden. U wordt dringend geadviseerd een begeleider mee te nemen die u na de operatie naar huis brengt. De dag na de operatie begint u met de voorgeschreven druppelmedicatie.

Eén of twee dagen na de operatie vindt een poliklinische controle plaats. Bij elke controle zal de pupil van het geopereerde oog worden verwijd met oogdruppels. Hierdoor vermindert tijdelijk uw zicht. Wij adviseren u wederom een begeleider mee te nemen. Door de verwijde pupil zal u fel licht tijdelijk minder goed kunnen verdragen. Daarom raden wij u aan om een zonnebril mee te nemen bij elke controle.

Valpreventie

Na het druppelen of na de behandeling kan het zijn dat u minder goed ziet met het behandelde oog. Dit kan de kans op vallen vergroten. Op deze website kunt u informatie vinden over hoe u het risico op vallen kunt verkleinen.

Complicaties

Als u nog niet aan staar (cataract) geopereerd bent, zal door de operatie een versnelde staarvorming optreden. Binnen een paar maanden tot enkele jaren zal dan een staaroperatie noodzakelijk zijn. In een klein aantal gevallen (1-5%) kan het netvlies na de operatie gaan loslaten. Om dit te behandelen is dan nog een netvliesoperatie noodzakelijk. Als het midden van het netvlies (de macula) heeft losgelaten zal dit meestal een blijvende verslechtering van het zicht geven. Zoals bij alle operaties is er een kleine kans op een ernstige infectie. Deze kans is minder dan 1 op 1000. Soms kan er na de operatie een bloeding in het oog ontstaan. Deze bloeding lost meestal vanzelf weer op.

Sluit de voorlees functie

Door deze site te bezoeken accepteert u het gebruik van cookies. Lees meer over cookies.

Deze melding niet meer tonen